Carebara diversa Verzorgingsgids: Piepkleine Werksters en Reuzensoldaten
Bijgewerkt op: 4 dagen geleden
Carebara diversa is een van de meest bijzondere mieren in de hobby. In ƩƩn kolonie leven piepkleine werksters, middelgrote werksters, soldaten en enorme supersoldaten met een kop die vele malen groter is dan die van de kleinste werksters. De kleine werksters rijden vaak mee op de grote, en de kolonie gaat in drukke colonnes op jacht. Het is ook een soort die veel vraagt: jonge kolonies zijn kwetsbaar en hebben warmte en rust nodig om op gang te komen.

Je zult merken dat we in deze gids weinig vaste getallen geven. Elke kolonie is anders, dus we vertellen liever waar je op moet letten.
In het kort
Herkomst: Zuid- en Zuidoost-Aziƫ, van India tot Taiwan en de Filipijnen
Kolonie: ƩƩn of meerdere koninginnen
Moeilijkheid: voor gevorderden
Groei: langzaam en kwetsbaar in het begin, snel als de kolonie eenmaal loopt
Grootte: kan heel groot worden
Klimaat: tropisch, verwarming sterk aangeraden
Vocht: vochtig nest, droge buitenwereld met goede ventilatie
Winterrust: mag, maar hoeft niet
Voer: vooral insecten, suiker als aanvulling
Uiterlijk en werksters
Het verschil in grootte bij Carebara diversa is enorm. De kleine werksters zijn maar een paar millimeter en horen bij de kleinste mieren die je kunt houden, terwijl de koningin naast hen gigantisch is. Daartussen zitten middelgrote werksters, soldaten en supersoldaten met een flinke kop. De kleine werksters doen het meeste werk, en je ziet ze vaak meeliften op de rug of de kop van een grote werkster. Bij weinig soorten zie je zo goed hoe een kolonie het werk verdeelt.

In de natuur leeft deze soort in Zuid- en Zuidoost-Aziƫ, van India tot Taiwan en de Filipijnen. Daar nestelt ze in de grond en onder stenen. Haar colonnes lijken veel op die van legermieren, maar Carebara diversa trekt niet rond. Ze heeft een vast nest, en nieuwe kolonies beginnen gewoon met een koningin na de bruidsvlucht. Vindt een colonne een prooi, dan werken de mieren samen om hem te overmeesteren en in stukjes mee naar huis te nemen. Dat in je eigen buitenwereld zien gebeuren, is voor veel mierenhouders de reden om deze soort te houden.
EƩn of meer koninginnen
Carebara diversa kan meerdere koninginnen in ƩƩn kolonie hebben. Een kolonie met meer koninginnen heeft in de kwetsbare beginfase vaak net wat meer kracht, simpelweg omdat er meer eitjes worden gelegd. Als de kolonie groeit, helpen de extra koninginnen om de flinke grootte te halen waar deze soort om bekendstaat.
Een kolonie starten
Dit is het lastigste deel van deze soort. Tijdens het starten heeft de koningin kleine prooitjes nodig, dus geef vanaf het begin piepkleine insecten zoals kleine fruitvliegjes of springstaarten. Houd de opstelling warm en stabiel, zodat het broed blijft groeien. Raakt het broed achter, dan kan een jonge kolonie heel snel achteruitgaan. Laat de kolonie dus niet afkoelen en stoor haar zo weinig mogelijk. Kijk kort en rustig, en niet elke dag.
Zet een jonge kolonie niet te vroeg in een nest. In een simpele opstelling met reageerbuizen aan een kleine buitenwereld, zoals de All-In-One Test Tube Outworld, doet ze het juist heel goed, zolang het maar warm genoeg is. Een kleine ruimte blijft makkelijker op temperatuur en vochtig, en de werksters vinden hun eten sneller. In onze blog over de perfecte reageerbuis lees je hoe je de buizen klaarmaakt.
Groei
In het begin gaat het langzaam en telt elk stukje broed. Heeft de kolonie eenmaal een stevige groep werksters, dan gaat het een stuk sneller. Als de eerste soldaten en supersoldaten verschijnen, is dat een goed teken: de kolonie is dan sterk genoeg om in die grote werksters te investeren. Hoe snel het allemaal gaat, hangt af van warmte, voer, het aantal koninginnen en de kolonie zelf. Vergelijk je kolonie dus niet te streng met die van een ander.
Warmte
Carebara diversa is een tropische soort en heeft het hele jaar warmte nodig. Verwarming is sterk aangeraden. Verwarm ƩƩn kant van de opstelling, zodat de kolonie zelf kan kiezen waar ze zit, en kijk waar de werksters het broed neerleggen. Let op: de stand van je warmtemat is niet de temperatuur in het nest. Kijk daarom vooral naar wat je mieren doen.
Winterrust
Een winterrust mag, maar hoeft niet. Omdat de werksters zo klein zijn, blijven kolonies het hele jaar heel actief. Veel kolonies hebben waarschijnlijk wel baat bij een korte, iets koelere periode rond de winter. Laat je mieren het zelf aangeven: lopen ze weg van de warmte, zet de kolonie dan een tijdje wat koeler.
Vocht en water
Houd het nest vochtig en de buitenwereld droog met goede ventilatie. De kleine werksters drogen snel uit, dus er moet altijd een vochtig plekje in het nest zijn. Zie je waterdruppels, condens of schimmel, dan is het te nat. Zorg in de buitenwereld altijd voor water, bijvoorbeeld een reageerbuis met een wattenprop.
Voer
Insecten zijn de basis. Geef er genoeg van: fruitvliegjes voor jonge kolonies, en krekels en meelwormen zodra de soldaten er zijn. Suiker, zoals suikerwater of suikergelei, is een aanvulling en niet het hoofdvoer. Pas de hoeveelheid aan op de grootte van je kolonie en haal restjes weg voordat ze gaan schimmelen. Meer over voer lees je in onze blog wat eten mieren.
Mijten en hygiƫne
Deze soort is gevoelig voor mijten. Haal restjes snel weg, houd de opstelling schoon en gebruik nooit aarde of materiaal van buiten, want zo haal je makkelijk mijten binnen. Een schone, simpele opstelling is veel makkelijker bij te houden dan een grote natuurlijke opstelling, zeker in het begin.
Ontsnappen voorkomen
De kleine werksters zijn piepklein en passen door hele kleine kiertjes. Een goed sluitende opstelling is dus echt nodig. Gebruik een buitenwereld met strakke aansluitingen en smeer Fluon op de wanden. Controleer elke aansluiting voordat de kolonie erin gaat en blijf dat regelmatig doen. In onze blog over ontsnappen voorkomen lees je alle manieren.
Een nest voor grotere kolonies
Is de kolonie duidelijk uit haar reageerbuizen gegroeid, verhuis haar dan naar een goed sluitend nest, zoals een ytong nest. Omdat de kleine werksters zo klein zijn, is een nest zonder kieren belangrijker dan de grootte van de kamers. Sluit het nieuwe nest aan op de buitenwereld, verwarm het een beetje en laat de kolonie in haar eigen tempo verhuizen. Meer lees je in onze blog over onze ytong nesten.
Is Carebara diversa iets voor jou?
Carebara diversa is een soort voor mierenhouders met wat ervaring. Je moet de kolonie warm en stabiel houden, schoon werken om mijten te voorkomen en een opstelling gebruiken waar de kleine werksters niet uit kunnen. Daar krijg je een van de mooiste kolonies uit de hobby voor terug: piepkleine werksters, enorme supersoldaten en jachtcolonnes die je buitenwereld elke dag de moeite waard maken. Heb je al een of twee soorten gehouden en zoek je een uitdaging? Dan is dit een hele mooie keuze.
Tweede foto: Ā© Jonghyun Park, CC BY 4.0, via iNaturalist




Opmerkingen